Zuid-Afrika 1: reisverslag en fotoreportage - Panoramaroute, God’s window, Bourke’s Luck Potholes, Blyde River Canyon, Three Rondavels, Pilgrims Rest

Hits: 70397

Artikelindex

 

Panoramaroute, God’s window, Bourke’s Luck Potholes, Blyde River Canyon, Three Rondavels, Pilgrims Rest     woensdag 22 september

 

Vandaag weer een excursiedag. Om zes uur op en om acht uur in de bus. Prima ontbijtbuffet trouwens in deze lodge, met lekkere yoghurt en vers fruit, naast bacon en ei enz. De route voert via Graskop. We zien eindeloze, aangeplante wouden van naald- (pijn-)bomen en eucalyptusbomen, aangelegd voor de houtvoorziening. Dan wordt het landschap weer ruiger en zien we de canyon van de Blyde rivier. (Er is ook een Treurrivier overigens. De namen hebben te maken met de gemoedstoestand van de Voortrekkers toen er in 1844 eerst sprake was van vermissing en later toch weer van de herontdekking van een aantal verkenners o.l.v. Hendrik Potgieter . Meer hierover bv. op http://www.visitafricanow.com/zuid-afrika/Mpumalanga/blyde_river_canyon.html.) 

De canyon is ca. 30 km lang en boort zich door een gebied dat gemiddeld op ca. 700 m hoogte ligt. Het is een ruigte van steile kliffen, rotspartijen, plateaus en eilanden. De canyon is de op drie (andere bronnen zeggen twee, nl Grand Canyon en Fish River Canyon in Namibië) na grootste ter wereld en op diverse plaatsen spectaculair om te zien. Een van die plaatsen is ‘Gods Window’. Daar gaan we eerst naartoe. Helaas is Gods raam een beetje beslagen: het is nevelig. Een probleem dat hier vaker optreedt, getuige bij voorbeeld een plaatsnaam als Hazyview. Een beetje ironisch is dan ook de tekst op bordjes: ‘Keep Gods window clean’. Tja, wij doen ons best, maar de nevel zit toch echt aan ‘de andere kant van het raam’. Het uitzicht is dan ook niet zo spectaculair als het zou kunnen zijn. Toch wel mooi, al kunnen we niet Mozambique zien liggen… Wel zien we dichterbij de laagvlakte die zo’n 1000 m onder ons schijnt te liggen. Indrukwekkende cijfers allemaal, en indrukwekkend is het in werkelijkheid ook. En dat je daar dan toeristenstalletjes aantreft, tja, dat hoort erbij. Gelukkig is het nog vroeg en niemand is vervelend opdringerig. 

 Potholes en biltong

Minder last van nevel hebben we bij onze volgende stopplaats: de zogenaamde potholes van Bourke’s Luck. Potholes zijn uitgeslepen ronde gaten in de bodem van de canyon en ze heten naar de eigenaar die hier destijds heel veel goud vond op de plaats waar de Treur- en de Blyde rivier samenvloeien. Bourke had hier veel geluk, dus. Wij zijn ook niet ongelukkig, want het is prachtig helder weer hier beneden, zonnig, warm maar nog niet té. En het landschap is merkwaardig en heel schilderachtig. Al die ronde vormen in een verder woeste kloof. Het lijkt alsof ze met een enorme Black-and-Decker geboord zijn. Toch zijn ze op natuurlijke wijze ontstaan. Het gebied is goed toegankelijk middels een paar bruggen en min of meer aangelegde paden. De kleurenpracht van het gesteente, van oker en geel tot bijna zwart, gepaard aan de kubistische vormen, is voor een fotograaf een uitdaging die hij graag aangaat. Natuurlijk is dit een van de meest gefotografeerde plekken van ZA, maar nog niet door ons. Dus knippen R en ik erop los. Allerlei composities, allerlei standpunten, verschillende uitsneden en brandpuntsafstanden, och, iedere foto is weer anders. We hebben nog net tijd voor een oploskoffie op het terras dat bij de receptie hoort. De op het bord aangeboden filterkoffie is op, zegt de zwarte dame achter de toonbank. ‘Op’, ja het zal wel. Nou ja, het is dat we dorst hebben. Onderweg kunnen we foto’s maken van een prachtig bloeiende Protea, of suikerbossie. Het zijn meer dan manshoge struiken hier, met bloemen in alle fasen van uitkomen. We maken er heel mooie foto’s van. Het is een rode variant. Later in de Kirstenbosch Gardens in Kaapstad zullen we witte en gele varianten zien en ook verschillende bloemvormen. 

Dan is het alweer tijd om met de bus terug te gaan naar Graskop voor de lunch. Er zijn meer restaurantjes in dit plaatsje maar RL heeft een pannenkoekenhuis voor ons gereserveerd voor onze ‘vrije’ lunch. Niemand protesteert, dus wij ook maar niet. Ik denk dat RL hier gratis eet als wij met de hele groep hier eten. Gelukkig hebben ze naast pannenkoeken ook hartige clubsandwiches. Een Castle erbij voor de dorst (als je bier bestelt, krijg je in ZA Castle; wil je wat anders dan moet je dat specificeren. Black Label is wat zachter). 

Na het eten hebben we tijd om de winkeltjes te bekijken. Overal waar we stoppen noemt de RL uitdrukkelijk altijd die mogelijkheid: ‘ons hê ook winkelkies’. Winkeltjes zijn belangrijk voor de toerist. Niemand kan zonder winkeltjes, op vakantie. Eigenlijk geen dag. Winkeltjes zijn eerste levensvoorwaarde voor de toerist. Als een groep toeristen de bus uit rolt voor een bezienswaardigheid rennen ze steevast als eerste naar de overal aanwezige kraampjes. Om een souvenir te kopen van wat ze nog moeten gaan zien. Soms zelfs van dingen die ter plaatse niet eens te zien zíjn. Dat de handelaren overal dezelfde troep verkopen doet er niet toe. Toch moet ieder winkeltje in elke plaats weer geïnspecteerd worden. En sommigen kópen ook in elk winkeltje. Een dag niet gekocht is een dag niet geleefd. Ach ja, toeristen. Ik ben er zelf ook een en R en ik kopen ook wel wat ‘meuk’, zo zou de vriend van onze dochter dat met een modern woord noemen. Nou ja, sommige meuk is leuk. Maar op den duur krijg ik een allergische reactie als ik RL weer hoor over ‘winkelkies’. Grrrr. Waar ik me ook over verwonder, is dat er zoveel kooplui naast elkaar gaan staan met allemaal hetzelfde assortiment. Van unique selling points hebben ze hier nog nooit gehoord. En tja: op de Swazimarkt zagen we  de Chinese kranten nog liggen waar de originele Zuid-Afrikaanse souvenirs in verpakt waren geweest. Mijn petje met het mooie geborduurde embleem van de Big Five is ook geproduceerd in China zoals blijkt uit het etiket. Ja, wat niet tegenwoordig. Denk je dat je de lokale economie stimuleert door flink souvenirs te kopen, nou niet dus. De Chinezen gaan met je kapitaal aan de haal. 

Rondavels

Over winkeltjes gesproken: eentje is voor mij wel interessant: die heeft zich gespecialiseerd in biltong. Biltong is gedroogd hard vlees van rund (bees), kudu of voëlstruis. De heer achter de toonbank reageert aardig als hij hoort dat wij nieuw zijn en nog nooit biltong geproefd hebben. We mogen van beide soorten, bees en kudu,  proeven. Bees is wat zachter, hoewel hij ook nog weer verschillende gradaties droogte en dus hardheid heeft. Ik wijs een stukje aan en hij snijdt het voor ons in ongelijke snippers en plakjes. Het is een lekkere snack, vind ik. R heeft het na een keer wel genoeg geproefd. We maken een praatje met de vriendelijke heer. Hij vertelt dat we in de goede tijd gekomen zijn. Lente, bloemen, mooi weer maar niet te warm. 

Genoeg over toeristeneconomie. We gaan weer verder. Naar de Drie Rondavels. Een rondavel is een ronde hut met een puntdak van riet, zoals bv. de Xhosa en Zulu ze bouwen. De Three Rondavels zijn drie bergen die naast elkaar uit de Blyde River Canyon omhoog steken en die, als je je ogen een beetje dichtknijpt, sprekend lijken op… juist. Nee echt, ze lijken echt op zulke hutten. Hoewel je er ook reusachtige Monatoetjes in kunt zien als je dat wilt. Kijk maar op de foto’s. Als we uit de bus ernaartoe lopen, ben ik natuurlijk weer de laatste die uit de bus klimt. Buiten staan een heleboel zwarte jochies belangstellend naar mij te kijken. In het trapgat blijf ik staan en maak een foto van ze. Prachtig vinden ze dat. Ze gaan op een rij staan voor stuk voor stuk een hi five met die rare witte man -met een grijze baard ook nog. Cool! Even verder staat hun bus. Zeker schoolreisje. Naar de drie rondavels, het kan slechter. Uit de ramen van de bus steken allemaal frisse koppies van jongens en meiden die allemaal hun hand uit het raam wurmen voor ook zo’n high five. Wat een lol hebben we samen. Ik maak nog een foto van al die glunderende hoofdjes en haast me dan achter de groep aan. 

Er leidt een pad naar de afgrond van de canyon, waar we een goed zicht hebben op de drie merkwaardig gevormde bergen. Ik maak heel wat foto’s ook al is het in de verte weer nevelig. Op de computer werk ik dat thuis wel bij. De Blyde-rivier ver in de diepte maakt een kronkel en schept een eiland; aan de overkant de drie puddingen. 

Pelgrim’s Rest, Pelgrims Rus, is een oud bewaard gebleven mijnstadje. Nou ja, wat is oud hier. In 1874 vond men hier goud; het stadje was geboren. Het is nu een monument. We krijgen een uur om de straat af te lopen. Veel meer is er ook niet. Natuurlijk zijn er in de houten pandjes met golfplaat dak winkeltjes gevestigd. Dat van Dredzen schijnt nog aardig intact. Tijd om een eind buiten het dorp de gerestaureerde villa van de vroegere goudbaas te bezoeken, het Alanglade landhuis, is er niet. En dat is nu juist het enige echt interessante volgens mijn Capitoolgids. Uiteindelijk wordt het uur toch nog heel wat langer want het laatste winkeltje heeft een enorme aantrekkingskracht. Als ik met een paar andere mannen op de traptreden van de stoep zit te wachten, stapt een Afrikaanse dame voorbij die met een glimlach opmerkt: ‘The men sit, the women shop.’ Ik knik instemmend. Maar helemaal kloppen doet het niet wat ze zegt. Jammer van het Alanglade, dat had ik graag gezien. Volgens mij (en mijn Capitoolgids) is dat eigenlijk het enige echt interessante aan dit dorpje. Waarom SRC dat niet op het programma heeft, begrijp ik niet. Of is zoiets een beslissing van de plaatselijke RL die je treft? Toeristen met haast missen volgens mij weinig als ze Pelgrims Rus overslaan. 

Voor het diner kunnen we nog even voor ons appartement buiten in de zon zitten. Wel jammer dat die zon om even na zessen al helemaal verdwenen is. Zo ongeveer om half zeven is het donker. Ik lees in mijn pocket met reisverhalen over ZA. Leuke literatuur voor hier. 

Tijdens het diner met gebraden rosbief van het stuk, stoofvlees, heerlijke slaaie (salades) en nog veel meer, wordt er gesproken over RL’s reactie op de vraag van de groep of RL ons bezoek aan Robbeneiland s.v.p. op tijd wil regelen zodat we niet ook dat missen. Ze heeft gezegd dat we dat bezoek maar zelf via Internet moeten regelen. Een van ons kan dan met zijn creditkaart betalen en het komt allemaal goed. Ja, ja. En waarvoor hebben wij dan een reisbegeleider?! Is de gedachte bij iedereen. Er is veel onvrede over deze benadering. RL wilde ook al geen sores met een centrale fooienpot. Sommigen opperen dat ze vooral zelf op vakantie is en dat we niet te lastig moeten zijn. Een van ons zal dit toch nog eens ter sprake brengen want dit kan natuurlijk niet zo. Het bleef nog lang onrustig in de lodge. 



 

 

  tja, maar God's window was beslagen, 't was nevelig

Je zou hier tot in Mozambique moeten kunnen kijken 

 maar het heet hier in de buurt niet voor niks Hazyview 

 souvenirstalletjes


 

Bourke's Luck Potholes

 alsof geboord met een enorme Black and Decker...

 de Blyde rivier komt samen met de Treur rivier

  

 


Drie Rondavels

 de Drie Rondavels uit de verte

 er zijn kinderen op schoolreis

 zw willen wel een high five met die rare witte man

 maar dan echt naar de Drie Rondavels

 diep beneden kronkelt de rivier

 we stoppen voor suikerbossies

 de protea is prachtig

 typerende heester voor dit land

  

 wand van de Canyon v.d. Blyde rivier

 deze souvenirs niet made in china

 ik koop een zakje biltong van 'bees' (rund) en kudu


Pilgrim's Rest

 Pilgrim's Rest

 kerkje in Nederlandse stijl

 

 bougainville bij ons hotel

 vogel bij ons appartement

 vleermuizen aan dak bij hotel

 hoteltuin Sanbonani

 

 

 

 

 

naar boven