Zuid-Afrika 1: reisverslag en fotoreportage - Inkwenkwezi; gamedrive, olifanten en luipaarden aaien en op bezoek bij Mama Tofu

Hits: 70402

Artikelindex

 

Inkwenkwezi; gamedrive, olifanten en luipaarden aaien en op bezoek bij Mama Tofu 

vrijdag 1 oktober

Om acht uur worden we met jeeps opgehaald om te gaan ontbijten. Merkwaardig: eten, ontbijten en slapen doe je op verschillende plaatsen die minstens vijf minuten rijden van elkaar liggen. Cintsa Beach is ook eigendom van Graham, heb ik van hem begrepen, maar de horeca-exploitatie is uitbesteed. Wel is de eigenaar steeds zelf aanwezig om zich ervan te verzekeren dat het ons aan niets ontbreekt. We ontbijten met uitzicht op de Indische Oceaan die op een ruime steenworp afstand ligt. Gezien de branding heet de kust hier terecht de ‘Wild Coast’

Om negen uur klimmen we in de achtpersoons jeeps voor een gamedrive over het terrein van de lodge. De paden zijn soms slecht: van ‘Sanipass-kwaliteit’, zeg maar. Soms rijdt onze chauffeur ook een eind door het veld. Hij kent het terrein als zijn broekzak. We zien het zo langzamerhand gebruikelijke wild: zebra, giraffe, impala, struisvogel, blesbok, e.d. Door een dubbel hek gaan we een extra hoog omheind gebied in. Hier leven leeuwen. Overal zien we karkassen van prooidieren liggen de gevoerd zijn aan de leeuwen. Het vrouwtje krijgen we te zien. Het dier doet me aan De Witte Leeuwin, het boek van Henning Mankell, denken. Het beest is inderdaad bijna wit. We kunnen haar tot op een paar meter naderen. Toch een merkwaardige sensatie dat er niets is tussen jou en die leeuwin. We zitten hoog, OK, maar wel open en bloot. Niet dat ik bang ben, maar zoals gezegd: het is wel een apart ervaring. De groep in de andere jeep ziet ook de leeuw en een leeuwin met jongen. Prachtig beest met enorme manen zie ik -een tikje jaloers- op hun foto’s. Het park is groen, vrij dicht begroeid, met veel kronkelpaden, steile korte hellingen. 

We rijden terug naar de lodge voor toiletbezoek. Dan naar de olifanten. Dit zijn dieren die elders op de nominatie stonden om geëlimineerd te worden wegens overbevolking. Hier worden ze niet echt los gelaten zodat het parkbeheer controle heeft over wat en hoeveel de dieren eten. Olifanten zijn namelijk slopers. Ze vernielen veel bomen en struiken. Altijd gedacht dat Afrikaanse olifanten niet te temmen zijn (daarvoor moet je de Indische hebben met de kleinere oren), maar deze zijn wel tam en deze show laat zien dat de dieren heel benaderbaar zijn. Aaibaar, zelfs letterlijk. Als je dat wilt, mag je het ene dier aaien. Achter zijn of haar kop onder de flaporen is de huid merkwaardig zacht. Op de rug stug met harde haren. 

 

 

Badderende olifanten

Het mooiste is het modderbad dat ze na het knuffelen mogen nemen. Mooie foto’s levert dat op. In het water gaan ze helemaal los. Plonzen, spetteren en spuiten met de slurf. Lekker wroeten in de modder. 

De lunch in de lodge is weer goed verzorgd. Weer met gratis wijn als je dat wilt. Na de lunch lopen we achterom naar de luipaarden. Er lopen er een stuk of drie in een omheinde ruimte. Ook hier weer even slikken. Het zijn dan wel bij de mens opgegroeide exemplaren, maar het blijven natuurlijk roofdieren. Goed gevoed natuurlijk, dus niet gemotiveerd voor geintjes met toeristen, maar toch. Enorme katten die zich ook als katten gedragen. Lekker liggen en je onder je kin laten kroelen door zo’n toerist. Ja, dan wil je wel spinnen. Spinnen, dat doen ze inderdaad als een kat. Je kunt ze overal aaien, ze laten niet merken het vervelend te vinden. Of ze staan op en lopen een eindje verder. Heel even zie ik een vreemde flikkering in hun ogen als een Duitse vrouw plompverloren tussen twee dieren in gaat zitten. Dat vinden ze niet leuk. 

Ik maak foto’s van R en zij van mij bij deze prachtdieren. De oppasser maakt ook nog een paar mooie foto’s van mij bij een luipaard. 

 

Dan gaan we met een stuk of wat mensen en een begeleider van de lodge naar het lokale dorp naar Mama Tofu. Deze vrouw is met haar 91 jaar de oudste Afrikaanse vrouw met een licentie om toeristengids te zijn. We worden ontvangen met tromgeroffel. Het hele bezoek is een vrouwenzaak. Mannen zien we niet, bedoel ik. Kinderen dansen en maken muziek. We mogen plaats nemen op een paar klaargezette stoelen. De oude maar nog zeer vitale vrouw vertelt ons met twinkelende oogjes de fijne kneepjes van de Xhosa-taal. De X staat al voor een van de klik-klanken die deze taal rijk is. Je kunt klikken met de tong tegen je tanden, je gehemelte of je huig, en elke keer klinkt het anders en is het een andere letter. Xhosa wordt gesproken door bijna 8 miljoen mensen en is een van de officiële talen van ZA. Maar het is niet een taal die je in een half uurtje leert, zoals de vrouw schijnt te denken. Mama Tofu vertelt ook over stamgebruiken.  In een lege hut krijgen we van een kauwgomkauwende jongere mevrouw ongeveer hetzelfde verhaal. Zij vertelt tussen neus en lippen door dat jongeren ook wel cannabis of marihuana gebruiken. Ik denk dat mama Tofu dat niet weet -of wil weten. Op het erf wordt gedemonstreerd hoe maïs wordt gestampt in een houten blok of met een rol stukgemaakt. Op die manier wordt de maïs geschikt om mieliepap van te maken. Het houten blok is provisorisch gerepareerd met een stuk landbouwplastic. Alleen voor de mannen, J en ik in dit geval, vertelt de jongere vrouw in de ‘kraal’ over huwelijksgebruiken. In weer een andere hut houdt Mama Tofu een lange monoloog over huwelijksgebruiken in haar stam. Voor een zo oude mevrouw hebben we respect; ze is nog zeer goed bij de pinken. Ze vertelt dat ze een zoon heeft gehad die met Nelson Mandela 14 jaar lang op Robbeneiland had vastgezeten. Na zijn invrijheidsstelling was hij spoedig overleden. 

Nederburg!

Maar zo langzamerhand zakt de aandacht een beetje in. Sommigen van ons groepje gaan wat schuifelen. Het duurt te lang en het is te veel van hetzelfde. Als we dan ook nog in nog een andere hut moeten zien hoe de pers over haar heeft geschreven enz. dan wordt het echt te veel. We staan en zitten dan al ruim twee uur te luisteren naar de breedsprakige oude dame. Dit was leuk geweest als het de helft korter had geduurd. En ik had nu wel eens een kijkje willen nemen in de hutten waarin kennelijk geleefd wordt. Maar dat zit er niet in. Er is niet veel puf meer om nog te kijken bij de snuisterijen die men voor de verkoop heeft uitgestald. R vindt het nog sneu ook en koopt een kleinigheid. 

Ons wordt uitgeleide gedaan door de trommelende kinderen. In de combi terug naar de lodge vertelt onze chauffeur/begeleider over community-projecten die de lodge opzet. Zo is men bezig met een grote nieuwe school. En het streven is om van ieder huishouden in ieder geval één persoon structurele werkgelegenheid te bieden. Dat zijn toch mooie dingen voor de mensen. De combi zet ons af bij onze kamers in de Unmengalodge. Even bijkomen, opfrissen en dan met de open jeep naar de Inkwenkwezi-lodge waar we dineren. Helaas is de T-bonesteak die ik kies, taai en vezelig. Maar verder is alles weer keurig verzorgd en lekker. De Nederburg Cabernet Sauvignon Shiraz smaakt voortreffelijk. Ik reken met Visa twee keer 700 rand af en 25 voor een petje met het leuke logo van het park. Intussen is het gaan hozen en onweren. Daarom worden we met de combi terug naar onze kamers gebracht. Omdat er maar vijf personen tegelijk mee kunnen zijn we blij dat we bij de tweede rit mee terug kunnen. We zijn moe. Nog even wat dingen doen, en ik ga slapen. R blijft nog een hele tijd op. 



 

 

 

 

 gnoes of wildebees

 de roofdieren worden soms bijgevoerd

 

 

 

 jeuk

 lekker acacia (doornstruik) eten

 

 


Luipaard op schoot, dat nog net niet

 maar "tam" zijn ze wel

 hij/zij(?) spint als een grote kat


op bezoek bij mama Tofu 

In de hoteltuin

 'suikerbekkie' op strelitzia bloem

 suikerbekkies, kolibries

 kust bij onze lodge - Chistna beach, the Wild Coast

 een heerlijke wandeling langs de oceaan

 

 

 

naar boven